Het advies van de Onderwijsraad verdient een constructieve dialoog en docenten ruimte om een eigen differentiatiemodel te ontwikkelen

Er zijn hardnekkige problemen in het voorgezet onderwijs (VO), maar er wordt weinig urgentie gevoeld. Het advies van de Onderwijsraad van een driejarige brugperiode en een slim differentiatiemodel kan voor beweging zorgen. Het advies verdient een constructieve dialoog en meedenkkracht over differentiatiemodellen.  

Bijna 30 jaar wordt er gesproken over het lerarentekort maar nog steeds zonder afdoende oplossingen. Leerlingen zijn niet gemotiveerd voor lessen. Zonder motivatie geen effectief leren! Het keurslijf van cijfers, toetsen en examens. De meest gestelde vraag van leerlingen is: ‘is dit ook voor de toets?’ Lesgeven en leren voor de toets is de uitwas van de focus op cijfers. De stress van ouders en kinderen in groep 8 voor de Cito toets. Een gevolg van de focus op cijfers, is de opkomst van het schaduwonderwijs. Ouders met geld sturen kinderen naar bijles, huiswerkbegeleiding of gespecialiseerde cursussen rekenen, taal of een ander vak. Dat levert vaak hogere cijfers op. De schaduwzijde is meer kansenongelijkheid. Kinderen van ouders die zich deze uitgaven niet kunnen permitteren, hebben het nakijken. Dan het probleem van te vroege keuzes. In theorie kun je switchen en schakelen in het systeem, maar in de praktijk is dat veel ingewikkelder. De keuze op 12-jarige leeftijd legt het onderwijspad al aardig vast. Veel docenten ervaren grote  werkdruk en onvrede over te grote klassen en het leerstofjaarklassensysteem. Tot slot van het rijtje problemen: van uur tot uur een ander vak, een andere docent met vaak andere regels bevordert niet effectief leren. Door al die problemen vermorsen we veel talent van de jonge mensen in hun formatieve jaren. Me dunkt, genoeg problemen om aan te pakken.

 

De Onderwijsraad

Half april publiceerde de Onderwijsraad het advies: Later selecteren, beter differentëren. In dit advies pakt de Raad te vroege keuzes aan, de Cito-stress van groep 8 leerlingen en ouders, de kansenongelijkheid, de onderadvisering van kinderen met ouders uit lagere sociaal-economische posities en het probleem dat jongeren in verschillende schooltypen elkaar niet meer treffen op school. Een mooie eerste stap in het aanpakken van de hardnekkige problemen. De discussie over het advies richt zich vooral op de driejarige brugperiode, maar veel interessanter wordt de invulling van het differentiëren. De Onderwijsraad daagt scholen uit een eigen differentiatiemodel te ontwikkelen. Het zou fijn zijn als schoolbesturen docenten ruimte geven om hier een intensieve dialoog over te voeren. Het biedt mogelijkheden om vakken en vakoverstijgende thema’s aan te bieden rondom maatschappelijke ontwikkelingen. De groepssamenstelling hoeft niet alleen op basis van leeftijd, maar ook op basis van interesses, passies, noodzakelijk voor een vervolgstudie of reeds vergaarde kennis. Scholen hebben de maatschappelijke opdracht om werk te maken van kwalificatie, socialisatie en persoonswording. In de driejarige brugperiode zullen met name de laatste twee functies van het onderwijs veel systematischer kunnen worden opgepakt.Het kabinet heeft scholen onlangs getrakteerd op 8,5 miljard euro voor het wegwerken van achterstanden en vertragingen door corona. Dit enorme bedrag is zeer waarschijnlijk niet geheel nodig voor het beoogde doel. Laat scholen het overgebleven geld mogen inzetten voor het vrijmaken van uren van docenten om samen te werken aan het doordenken en ontwikkelen van een eigen differentiatiemodel. 

Michiel Verbeek, oud-docent Economie en auteur van het boek Wie durft deze school aan? 

30 april 2021